Column

Dit doet de private equity-top in Europa

De 25 meest invloedrijke private equity-beleggers in Europa. Even afkijken, waarom zijn zij zo succesvol?

Onderzoeksbureau Preqin heeft een lijst gepubliceerd met de 25 meest invloedrijke private equity-bedrijven (of institutionele beleggers met een PE-tak) in Europa. Waar komt het succes vandaan? Wat moet een PE-firma doen om op de lijst te komen?

Private equity heeft in de laatste jaren een beste groeispurt doorgemaakt. Slimme managers van fund-of-funds gingen onder druk van de financiële crisis advies geven aan pensioenfondsen, die vervolgens weer redenen kregen om te investeren in fondsen. Tegelijk kregen de grotere institutionele beleggers hun eigen co-investeringsteams om de hoge managementfees in te dammen.

Investeerders hebben daarnaast weer wat meer geld om te besteden, hetgeen voor private equity mogelijkheden creëert om vermogen op te halen. Maar waar gaat het geld naar toe? Welke firma’s steken boven de rest uit en belangrijker, waarom? Bijvoorbeeld door inderdaad verder te kijken dan alleen funds-of-funds.

Veel transfers

Firma’s als Pantheon en LGT Capital Partners kozen vaker voor een adviserende rol en discretionaire mandaten. Investeerders die hun eigen beleggingsbeslissingen nemen op basis van onderzoek en uitvoeringsdiensten van de private equity-instelling. De twee genoemde bedrijven werden door Preqin op respectievelijk nummer één en twee gezet van best presterende private equity-bedrijven van dit jaar.

Pantheon ging zich tevens meer richten op het Amerikaanse beschikbare-premiesysteem (sparen voor een pensioen waarbij de begunstigde het beleggingsrisico voor zijn rekening neemt), om private equity toegankelijker te maken voor individuele spaarders. Terwijl Pantheon weinig personeelsveranderingen kende, waren transfers voor het Nederlandse APG (plek zeven in de Preqin-toplijst) juist de kracht achter het succes.

APG zocht in de private equity-hoek en vond daar talenten afkomstig van investeerders als WP Global Partners en AlpInvest. Voor Shell Asset Management (plek twaalf) waren bijvoorbeeld Dirk Meuleman en Robert van Schaik (voorheen werkzaam bij pensioenfondsadviseur Mn Service) een grote aanwinst in het succes. Goede transfers Veel toonaangevende partijen kijken voor toptalent tegenwoordig verder dan de financiële genieën die ze voorheen tot managing directors opleidden.

Alles draait om ervaring

Zij breken daarmee met het verleden, waarin individuele dealmakers de volledige verantwoordelijkheid namen voor alle beslissingen aangaande bedrijven uit de portefeuille – van deal tot aan de exit. “Succesvolle partijen nemen ervaren operationele managers en voormalige managementconsultants aan die een geoefend oog hebben voor het signaleren en implementeren van kansen voor waardecreatie,” aldus private equity-specialist Bain & Company.

“Daarnaast hebben deze mensen ervaring met het werken met managementteams om transformationele veranderingen te realiseren.” Het Nederlandse PGGM staat op een derde plek in de lijst. De pensioenbelegger breidde zijn private equity-platform uit sinds de verkoop van AlpInvest en de aankoop van Carlyle Group drie jaar geleden.

AlpInvest doet het overigens ook nog steeds goed en investeerde afgelopen jaar maar liefst 2,1 miljard euro in nieuwe fondsen en hoopt het komende jaar 1,4 miljard te investeren. Dat private equity-succes niet altijd te maken heeft met hoeveel geld er wordt geïnvesteerd, bewijst het European Investment Fund (EIF, plek dertien).

Goede due diligence

EIF levert risicokapitaal aan Europese MKB-bedrijven. Dit Luxemburgse fonds is zeer klein, maar weet zich volgens Preqin te onderscheiden door zijn rigoureuze aanpak in due diligence. Het due dilligenceproces is voor succesvolle firma’s door de jaren heen belangrijker en intenser geworden om het ware groeipotentieel van ondernemingen vast te stellen.

Volgens Bain & Company omvat het proces minstens “een uitputtende vragenlijst, aan de hand waarvan zowel de risico’s op mogelijke valkuilen als de kansen op onverwachte winstmogelijkheden worden onderzocht”. Een gespecialiseerd dilligenceteam bekijkt welke kwesties als eerste de aandacht verdienen.

Zoals EIF aantoont in de lijst van Preqin, draait succes dus niet altijd om hoeveel je te besteden hebt – als er maar deals worden gesloten. De PE-markt staat al lange tijd onder druk door de beschikbaarheid van gecommitteerd, maar nog niet geïnvesteerd kapitaal (dry powder). Veel van het geld dat voor de crisis werd opgehaald, is sinds die tijd nog niet aangewend voor nieuwe investeringen.

Het is een actueel probleem. Tegen het einde van 2013 zat private equity wereldwijd opgescheept met 1.073 biljoen dollar aan niet-geïnvesteerd vermogen, 130 miljard dollar meer dan het jaar ervoor. Niet eerder lag er zoveel dry powder bij private equity. En het houdt niet op. Het gevaar is dat uw geld jarenlang niet wordt geïnvesteerd of dat dealmakers te veel betalen voor overnames. En tsja, dat komt uw rendement niet ten goede.

Krachten bundelen

In de lijst van Preqin, wordt de top van de private equity ook geroemd om zijn transparantie. Vastgoedbedrijven mogen dan lange tijd onder vuur hebben gelegen vanwege gebrek aan transparantie, private equity ontsprong altijd de dans. Terwijl er toch veel aan te merken valt op de manier waarop zij informatie verstrekt.

Door fraude van biotech-goeroe en investeerder Steve Burrill moest private equity eraan geloven. Er bleek bij veel instellingen een gebrek aan transparantie en werden er buitensporige fees bij investeerders in rekening gebracht. Een voorbeeld van die hoge management- en prestatievergoedingen is te vinden in de Nederlandse pensioensector in 2012.

Kijk ook naar de andere beleggingscategorieën (bron DNB):

De torenhoge vergoedingen staan in ieder geval niet per definitie voor een hoger rendement. In Nederland staat het toezicht op private equity overigens nog maar in kinderschoenen. Pas sinds juli van dit jaar moeten instellingen zich onderwerpen aan de Europese AIFM-richtlijn, al vallen enkel fondsen met een beheerde vermogen van vijfhonderd miljoen euro of met een hefboom van meer dan honderd miljoen vallen onder het toezicht.

Tot slot valt op te merken dat niet elk succes in de lijst van Preqin valt toe te schrijven aan private equity zelf. Investeerders van zijn net zo belangrijk. Zijn ze er niet dan houdt het snel op natuurlijk, maar daarnaast moeten ze zich behendig aanpassen aan veranderende omstandigheden. Investeerders staan voor de continue uitdaging om hun fondsen wendbaar te laten zijn, aldus Bain & Company. “En dat kan alleen als investeerders hun krachten bundelen.”

Justin Doornekamp is freelance-redacteur bij Participaties.nl. Justin Doornekamp kan posities innemen op de financile markten. De informatie in deze column is niet bedoeld als professioneel beleggingsadvies of als aanbeveling tot het doen van bepaalde beleggingen. Uw reactie aan de auteur is welkom.

Lees meer

  1. Particuliere beleggers kiezen steeds vaker voor private equity
  2. Nederlandse durfkapitalisten lopen niet warm voor start-ups uit eigen land
  3. Business angels kunnen meer investeren in start-ups, maar hóe?
  4. Biedt private equity kansen voor particuliere beleggers?
  5. Techbedrijven zijn populair, maar niet op de beurs